HOME

Articles on Nations:

Alcohol Prayer Initiative 2009, New York

CHURCH SUPPORTING POLITICS

CONGO-KINSHASA, A REMARKABLE CONFERENCE

CORPORATE IDENTITY OF AFRICA

CORPORATE IDENTITY OF AMSTERDAM

CORPORATE IDENTITY OF AUSTRALIA

CORPORATE IDENTITY OF BELGIUM

CORPORATE IDENTITY OF BRAZIL

CORPORATE IDENTITY OF FRANCE

CORPORATE IDENTITY OF HUNGARY

CORPORATE IDENTITY OF KOREA

CORPORATE IDENTITY OF THE USA

COVERING AN AREA WITH PRAYER

Dialogue with Jacques Ellul

DURBAN II ≈ EVIAN III; NEW ANTISEMITISM

EUROPA – AFRIKA; Indrukwekkende Conferentie

EUROPA – AFRIKA; verzoeningsconferentie dvd

EUROPE - AFRICA; Berlin Congo I: Hist. Overview

EUROPE - AFRICA; Berlin Congo II: Report

EUROPE - AFRICA; Neo-Imperialism

GEBEDSBEDEKKING VAN EEN GEBIED

GOD'S COVENANT WITH ALL NATIONS

IDENTIFICEREND SCHULDBELIJDEN

JAMESTOWN APOLOGY

LOVING THE CITY GOD'S WAY

NATIVE AMERICANS, THREE DRAMA'S

NESTOR AFRICAN PRESIDENTS FORGIVES EUROPE

SLAVERY AND HEALING

SPIRITUAL ASPECTS OF THE EUROPEAN UNION

SPIRITUAL MAPPING

SURINAME paper

THE CITY AS BEAUTIFUL AS SHE COULD BE

THE CITY, AND WHY CITY PRAYER?

TRANSFORMATIONS IN THE PACIFIC

TWO CITIES DEDICATED TO KING JESUS

ÜBERSETZUNG THE NATIONS CALLED

VERZOENING MET NATIVE AMERICANS

WHY IS AFRICA SO POOR?

ZES LANDEN RIJNPROJECT

Articles on Society:

A REVEALING UN-MEETING

A strategic assault on this generation of children

BOEK BOS ANTIDEMOCRATISCH?

CHILDREN OF THE WORLD TARGETED

COPENHAGEN – Five questions

COPENHAGEN - No bread from stones

Copenhagen, where do we go from here?

DE ANDERE AGENDA VAN DE DALAI LAMA

DE OLYMPISCHE SPELEN

EU: HUMANISME VERSUS “GOD”

EUROPA, WAAROM DIE NAAM?

EUROPE, WHAT'S IN THE NAME?

EVROPA - CO SKRÝVÁ TO JMÉNO?

EYPΩΠH, TI KPYBETAI ΣTO ONOMA

HER-MYTHOLOGISERING INTERNATIONALE POLITIEK?

Informed intercession for the UN

KERK-STAAT VERHOUDING 1

KERK-STAAT VERHOUDING 2

KERK-STAAT VERHOUDING 3 (EU-Referendum)

KERK-STAAT VERHOUDING 4

MICRO FINANCING AND GRACE

MONDIALE SCHUDDINGEN I

MONDIALE SCHUDDINGEN II

NARNIA: JA

Obama 1: Obama en het leven

Obama 2: Door Obama een les voor de kerk

PRAYING FOR THE G8

PULLING DOWN STRONGHOLDS

RE-MYTHOLOGISATION 0 OF INTERNATIONAL POLITICS?

RE-MYTHOLOGISATION 1: CHURCH-STATE/GOD-STATE

RE-MYTHOLOGISATION 2: GOD-STATE LINK IN OUR TIME

RE-MYTHOLOGISATION 3: EU AND UN “COVENANTS”

RE-MYTHOLOGISATION 4:GOD-STATE IN NEAR FUTURE

RE-MYTHOLOGISATION 5: WHAT ABOUT GOD’S MASTER PLAN

UN MARATHON

UN-CONFERENCES, GENERAL

UN-DUURZAAMHEIDS TOP IN JOHANNESBURG

WHAT HAPPENS AT UN CONFERENCES?

WORLD SUMMIT ON SUSTAINABLE DEVELOPMENT

Bible Studies:

Belijden van de zonden van je land?

BIDDEN VOOR HOOGGEPLAATSTEN

DOORSTART GEBEDSBEWEGING

GODEN DER VOLKEN

'GODS OF THE NATIONS'

HERSTEL VAN HET ALTAAR

HET KRUIS VAN JEZUS

JEZUS KOMT - drie voordrachten

NBV, COMMENTAAR OP ÉÉN ASPECT

OOK TOPCONFERENTIES IN DE BIJBEL GAAN OVER VOLKEN

SPIRITUAL AUTHORITY

THE CROSS OF JESUS

THE GLORY OF HIERARCHY

TITHING AND ETERNITY

VASTEN, WAAROM?

 

 

 

 

NARNIA: JA

by: Helene en Pieter Bos
date: 12/10/2005
Category: Society

De Narnia-kronieken in een ruimer perspectief.
Naar aanleiding van de verfilming van de Narnia-kronieken wordt wel de vraag gesteld of dat voor christelijke kinderen (van 5-80 jaar) verantwoorde lectuur is. Sommige lezers signaleren toverij en waarzeggerij, en figuren met namen uit de griekse mythologie en vinden dat bezwaarlijk; er wordt gesteld dat het evangelie en de persoon van Jezus niet duidelijk worden gepreekt, dat het verwarrend of zelfs gevaarlijk is, in deze tijd van opmars van het occulte, en dat de wereld het omarmt en het dus niet goed kan zijn. Die bezwaren zijn alle serieus genoeg.
In dit artikel willen we niet de bezwaren negeren, maar de Narnia-kronieken in een ruimer daglicht stellen.
Wij hebben de boekjes ontdekt in 1970, in een kinderboekwinkel in Engeland. Dat was wel in een tijd dat het occulte nog vrijwel geen publieke aandacht kreeg. Tovenaars en heksen, die nu erg van zich doen spreken, waren nog sprookjes-figuren in kinderboeken.
We hebben er zelf en ook met de kinderen erg van genoten en ze hebben een opbouwende rol gespeeld in ons gezinsleven.

1. Wat springt eruit?
a. Ja, er komen vreemde feiten en gebeurtenissen voor.
We lezen in de bijbel inGen 6 over godenzonen die gemeenschap hebben met mensendochters en dat uit die relaties reuzen en geweldigen geboren werden. We lezen over Henoch die de hemel "binnenwandelt", over een sprekende ezel, over dalen die juichen en zingen, over twee profeten die met hun mantel een weg door de rivier banen, over een koning die verdierlijkt en weer hersteld wordt, over vier merkwaardige "dieren" bij Daniel, over een andere koning die door de wormen wordt gegeten, over Filippus die wordt verplaatst, over doden die opstaan (en later toch weer sterven?), en in de Openbaring aan Johannes over een dier met het gezicht van een mens.(hfst 4).
Dat zijn toch vreemde feiten en gebeurtenissen? Dat maken we toch zo niet mee? In hun context kunnen we er wel een duiding aan geven, maar ze blijven toch wonderlijk? Bij de (occulte) gebeurtenissen van Gen 6 veronderstelt Derek Prince dat die de feitelijke basis zijn voor de mythologieën der volken, vooral de Griekse. Dat wil niet zeggen dat die bovengenoemde feiten en gebeurtenissen alle occult zijn, maar ze blijven wel wonderlijk. Verklaringen en theologieën mogen het wonder nooit wegnemen. Jezus deed wonderen... en de scharen "stonden versteld". Wij hebben veel wonderen meegemaakt, we hopen u ook. We blijven toch wel verwonderd?
b. De plaats van fantasie.
Het is in die sfeer van verwondering dat Lewis fantaseert. Of beter: omdat hij zich verwonderde werd hij tot fantaseren geleid, en tot creatieve prestatie. Hij fantaseerde en creëerde in die geweldige ruimte van de werkelijkheid die de Bijbel aangeeft, en waarin ook de zondeval is doorgedrongen. Dat is een vergelijkbare werkelijkheid als die van Narnia. Daardoor is Narnia wel fantastisch, maar het geestelijke kader is niet anders.
Bij de boven genoemde wonderlijke feiten en gebeurtenissen hebben we achteraf-beoordelingen. De gebeurtenis in Gen 6 was "occult" en dus "fout"; het dier met mensengezicht gebeurde in de hemel en is dus "goed". Over het werk van Lewis kunnen wij ook een achteraf-oordeel vellen.
Maar de kunstenaar Lewis zelf staat midden in de wonderlijke wereld, en wat doet hij? Hij voert in zijn schepping, direct in het begin van deel 1, een faun op (een, naar onze maatstaven mythologisch, dier met mens-gezicht; mens met dier-lichaam)... die moet kiezen tussen goed en kwaad: Lucie verraden of niet! Na een echte gewetens-strijd kiest de faun voor het goede, en het kost hem bijna zijn leven. Door alle zeven delen van de kronieken herhaalt dit gegeven zich: wezens, waarvan sommigen in mythologie en sprookjes altijd "fout" zijn, moeten/mogen/kunnen in de wereld van Narnia nog kiezen tussen goed en kwaad. We lezen bij voorbeeld over twee bevriende dwergen: uiteindelijk kiest Trumpkin voor het goede, Nakabrik voor het kwade. Dit gebeurt ook bij éénvoeters, bij marshwiggles, en bij beren. Hoe anders die wereld ook is, de lezers van 5 tot 80 worden geconfronteerd met de verlangens (goede, stoute, zondige), drijfveren (nobele, slinkse, gemene), en emoties (bangheid, hoop, vreugde, opluchting) zoals wij ze zelf ook kennen. Het "opbouwende" is dat Lewis in de verhalen zelf, zonder te preken of te moraliseren, de ruimte schept om in al deze zaken een goede keus te maken. Het kind van vijf en het kind van tachtig weet: dat had ik kunnen denken, voelen, willen, hopen enz.
c. De keuzes die Lewis maakt.
Lewis verkeert in een wonderlijke wereld (Adam en Eva ook, u en wij ook) en weet zich geplaatst voor een existentiële keus, en kiest voor het goede, dat wordt belichaamd door een Persoon. In de Narnia-kronieken verhult hij die Persoon in termen van de wonderlijke wereld die hij beschrijft; in zijn andere werken spreekt hij onverhuld. Hij is aan niemand verplicht, ook aan God niet, in zijn sprookjes te preken. In zijn andere creatieve werk is hij expliciet genoeg. Bovendien; humor en creatief werk heeft vaak meer kracht door kort en impliciet te duiden dan door expliciet te verklaren, heel anders dan in theologie of preken.
Die wonderlijke wereld waarin we, u en wij, verkeren, is van God, die in Christus de wereld met Zich verzoenende is. Mythologieën en New Age hebben zich allerlei "feiten en gebeurtenissen" toegeëigend, en bezoedeld, zoals regenboog, ponies, beren, natuurkrachten, verbonden. Maar de wereld is nog steeds van God.
d. Geestelijke principes die we herkennen als consistent met het evangelie.
In de Narnia-kronieken tekent Lewis een wereld die niet de onze is, maar waarin wel de geestelijke werkelijkheid consistent is met de onze. Ooit goed geschapen is er toch kwaad binnengekomen. Goed en kwaad zijn niet onpersoonlijk, maar worden door personen bewerkt. Het kwaad in Narnia wordt bewerkt door een persoon die over kracht beschikt en mensen en dieren in haar macht probeert te krijgen. In die wereld moeten allen die met deze persoon geconfronteerd worden kiezen. Zullen ze deze heks, die zich onder allerlei ("lieflijke") vermommingen voordoet, gehoorzamen of zich tegenover haar opstellen?
Vreemde wezens, voor ons geheel onbekend, staan voor die keus. Maar ook de ezels en de katten en muizen moeten kiezen. ook de reuzen, ook de faunen en centauers (die wij beschouwen als behorend bij de mythologische wereld) moeten in Narnia nog kiezen. Wezens die de lezers van nu “herkennen” als horend bij de duisternis, moeten in de Narnia-kronieken nog kiezen! We moeten daarom die andere wereld zo laten staan als Lewis ze schetste, en ze niet beoordelen vanuit de onze.
Het gebruik maken van krachten is bij Lewis niet onpersoonlijk, en niet willekeurig. Het past consistent in een goed doordacht kader. Er kan getoverd worden, door slechte personen en onverantwoordelijke mensen. Dat is niet anders dan in onze wereld.
e. De Narnia-kronieken zijn 60 jaar oud.
We kunnen ons wel afvragen of Lewis, als hij in onze tijd geleefd zou hebben, misschien iets selectiever zou zijn geweest t.o.v. b.v. de naam van een Bacchus en van levende bossen. Misschien... Maar hij zou toch zijn fantasie hebben ingezet om sprookjes te schrijven in die geweldige ruimte van de werkelijkheid die de bijbel aangeeft... om de volgende reden.

2. Kinderen en fantasie.
Grote mensen hebben zoveel verklaard en begrepen en wegverklaard, dat het wonder bijna weg is. Als onder evangelische mensen iets wonderlijks gebeurt dat anderen niet hebben mee gemaakt, barsten hele debatten en soms ook verketteringen los, ook in Nederland.
Kinderen zijn nog niet zo. Voor hen is de wereld een wonder en ongelimiteerd. De taak van de ouder is het kind die wonderlijke wereld in te leiden, niet door alle limieten aan te wijzen, maar door met het kind te genieten van het wonder. Door een goed verhaal, fantasie of echt, verteld door de vader met de veiligheid van dien, dijt voor het kind de wereld al maar verder uit. Daarin wordt de ene verbazing overtroffen door de andere. Het is een wereld waarin het kind angst en verlatenheid en dreiging aan kan, want wie vertelt het tenslotte? En het loopt toch goed af? Daarin kan de reis met de trein, of in een roeiboot, ook bijzonder worden, dan kan Zoetermeer even bijzonder zijn als Malawi en Narnia.
Goede fantasie wordt niet geschreven door mensen die kinderen zo goed begrijpen, maar door mensen die nog het hart van een kind hebben, dat zich met fantasie en zonder angst kan storten in het wonder! En kinderen hebben dat nodig om te leren genieten in de wereld (natuurlijk een wereld met normen, zie het voorbeeld van de faun hierboven). Laat het kind eerst genieten van eenhoorns en koeien, van sprekende beren en beren in de berenmand; later leert het kind het verschil wel. De beperkingen en het realisme worden net zo spelenderwijs opgenomen in het uitdijend heelal van het kind. (Indien de normen maar op hun plaats staan, en indien het kind niet door t.v-kinderprogramma’s bedorven is! Maar dat is waar in onze tijd de schoen wringt: door gebrek aan volwassen vaderschap, waardoor geestelijk en moreel verval toenemen, vereenzaamt het kind fundamenteel.)
Dat is wat Lewis goed begreep, en waarom zijn sprookjes zoveel beter zijn dan sinterklaasverhalen. (De vertaling in het Nederlands is niet zo sterk; grote "kinderen" kunnen opnieuw en meer genieten wanneer ze de kronieken in het Engels lezen. Een verfilming, hoe goed die ook mag zijn, is wat dit betreft, niet met een boek te vergelijken.)
Zo positief spreken we niet over de sprookjes van de Gebroeders Grimm en nog minder over die van Roald Dahl, resp 140 en 40 jaar oud. Die hebben een nieuwe trend voor sprookjes gezet: ir-realiteit zonder normen, angst zonder redder, absurditeit zonder rechter. En veel van de tegenwoordige kinderboeken worden nu in die richting gezogen.
Moet een kind dan niet over echtscheiding horen, om maar een actueel feit in het leven van veel kinderen aan te snijden? Het opmerkelijke is dat kinderen intuïtief weten wat een goede vader is, en wat een slechte, zelfs als ze geen vader hebben! Voed hun heelal met rijke (bijbel- en andere) verhalen van heerlijke wonderen, zodat ze kunnen geloven, zich aan hoop kunnen vastklampen, wanneer hun aardse vader tegenvalt, of er helemaal niet meer is! Dat is wat Lewis goed begreep, en waarom zijn sprookjes zoveel beter zijn dan moderne, zogenaamde "realistische" verhalen.

3. Van angst naar genieten.
Waarschuwen voor de Narnia-kronieken komt, is onze indruk, voort uit vrees of onzekerheid van mensen die niet hebben leren genieten. Daar hebben Christelijke gezinnen in Nederland misschien wel een probleem mee.
Kinderen hebben God en Jezus en gemeenschap der heiligen nodig. Zeker. Kinderen hebben daarnaast ook, met of zonder Narnia-boekjes, vaders en moeders nodig die hen door hun fantastische vertellingen meenemen die hele grote vreemde wereld in. In die wereld leren kinderen hoe ze moeten kiezen, en verdedigen, en eerlijk zijn en strijden en helpen, hun rug recht houden en volharden, door de voorbeelden van Jozua en David en van de kinderen die in Narnia terechtkwamen, de voorbeelden van hun helden.

[^ top]